27 jan 2016

Eerste Kamer eet wetsontwerp medische datacommunicatie met lange tanden

image_pdfimage_print

courtyard-591425_640

Hoewel er nog geen woordelijk verslag is van de bijeenkomsten van de vaste Eerste Kamercommissie voor VWS kan uit de berichtgeving op de website van de Eerste Kamer afgeleid worden dat men daar nog steeds grote moeite heeft met wetsontwerp 33509.  Het ontwerp geeft aan welke extra rechten en waarborgen voor cliënten van toepassing zijn bij elektronische gegevensuitwisseling en bij het beschikbaar stellen van gegevens via een elektronisch uitwisselingssysteem. In principe geldt het wetsontwerp voor alle vormen van elektronische medische datacommunicatie, maar het wetsontwerp is wel speciaal toegesneden op het gebruik van het Landelijk SchakelPunt(LSP). Uit de berichtgeving van de commissie valt af te leiden men weer extra vragen aan de minister heeft over de oplossingsrichting die de minister gekozen heeft voor de zeer kritische vragen die de commissie vorig voorjaar stelde.

Ongebruikelijk

Het wetsontwerp is al ongebruikelijk lang in commissie-behandeling bij de Eerste Kamer, namelijk vanaf 13 januari 2015 terwijl nog geen zicht is op een plenaire zitting met stemming erover. Even voor de kerst 2105 kwam minister Schippers met een nadere memorie van antwoord als reactie op zeer indringende en kritische vragen van alle Eerste kamer-fracties. De oplossingsrichting die zij in het stuk aangaf is ronduit bizar te noemen.

Commissiewerk

Op 19 januari 2016 had de EK-commissie voor VWS een eerste korte bespreking van de nieuwe situatie en besprak ze de zogenaamde “nadere invulling”, de procedure die gevolgd gaat worden bij de verdere behandeling van 33509. Op 26 januari werd opnieuw vergaderd en besloten eerst het antwoord op een aantal technische vragen af te wachten alvorens verder te gaan.

De griffier laat weten:

“De commissie geeft te kennen een technische briefing door het ministerie van VWS op prijs te stellen, bij voorkeur op 9 februari 2016. De onderwerpen die de commissie graag behandeld zou willen zien, zullen op 2 februari 2016 worden geïnventariseerd. De wijze waarop de commissie zich vervolgens wil laten informeren, wordt besproken op 16 februari 2016.”

Blijkbaar zijn eerdere vragen van de commissie niet naar genoegen beantwoord en zijn nieuwe vragen gerezen na het door de minister sturen van de nadere memorie van antwoord naar de Eerste Kamer. De wijze van informeren wordt dus op 16 februari besproken. Daarna moet de minister weer antwoorden en vervolgens zal de commissie zich weer over die antwoorden gaan buigen.

Lange tanden

Uit alles blijkt dat de Eerste Kamer grote moeite heeft met het wetsontwerp 33509. De lange behandelingsduur en het heen en weer sturen van vragen en antwoorden tussen de minister en de Eerste Kamer tonen aan dat de minister met 33509 geen beste beurt maakt in de senaat. De plenaire behandeling zal nog lang uitblijven.

Wordt vervolgd

W.J. Jongejan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.