Gaat ACM ook onderzoek doen naar rol VWS bij ontstaan machtspositie zorgICT-leveranciers?

ACMAfgelopen week liet de Autoriteit Consument en Markt(ACM) weten dat zij in 2020 en 2021 onderzoek gaat doen naar de marktmacht van leveranciers van zorginformatiesystemen. Ze beperkt zich in dit onderzoek niet tot een enkele sector binnen de zorgICT, maar start een sector-breed onderzoek onder andere naar systemen voor elektronische patiëntendossiers. Dit onderzoek lijkt geluxeerd door de ophef die medio 2019 is ontstaan over de machtsposities van de leveranciers van ziekenhuis-informatie-systemen(ZIS-sen). Het online magazine SKIPR  besteedde afgelopen week ook aandacht aan dit bericht van de ACM. Er bestaat in de zorgsector al lange tijd ontevredenheid bij zorgverleners over de machtspositie van leveranciers van zorg-informatie-systemen(XIS-sen). Medio 2019 culmineerde dat door een uitzending van De Monitor op tv op 8 september. Kamervragen werden gesteld. In kranten stonden opinieartikelen o.a.  van de bestuursvoorzitter van de St. Maartenskliniek, Maarten van Houdenhoven. Het ministerie van VWS speelt echter in dit alles ook een rol.

 ACM

Het bericht over het onderzoek van de ACM is niet bepaald op een prominente wijze bekend gemaakt. Het staat op de website een beetje weggestopt onder het hoofdstukje Missie en Strategie bij de Agenda ook ergens midden in de tekst.

De ACM start een sectoronderzoek naar gegevensuitwisseling en interoperabiliteit van ICT-systemen in de zorg, waaronder systemen voor elektronische patiëntendossiers. De toenemende digitalisering in de zorg biedt veel kansen. Maar commerciële en technische strategieën van marktpartijen kunnen soms de concurrentie beperken, met negatieve gevolgen voor toetredings- en groeimogelijkheden, innovatie en de kwaliteit en veiligheid van zorg.”

Kamervragen

Het onderzoek door de ACM kan gezien worden als het onvermijdelijke vervolg op de beantwoording van Kamervragen over de machtspositie van zorgICT-leveranciers door minister Bruins van VWS. Ook al uitte de minister zich nogal naïef in die brief door te zeggen dat het aan zorgpartijen zelf is om de juiste ICT-producten tegen de juiste prijzen in te kopen. Bedrijven mogen van hem een eerlijke prijs vragen voor het leveren van hun producten of diensten. De vraag is echter of de prijs eerlijk is. Toch laak minister Bruins het niet transparant zijn van de markt van elektronische patiëntendossiers. Hij zwaait wat met een waarschuwende vinger om de zorgICT-leveranciers te wijzen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid..

Doorgeefluik voor miljard euro

De pregnantste vragen aan de minister betroffen de ZIS-sen Chipsoft en Epic. Toch ging het om meer zorgICT-systemen. Daarbij valt te denken aan huisarts-informatie-systemen(HIS-sen), apotheek-informatie-systemen(AIS-sen) en zorgICT-systemen in de GGZ. Om die ontwikkeling aan te jagen gaf en geeft het ministerie van VWS een heel scala van subsidies. Die hadden en hebben tot doel om de ontwikkelingen in de zorgICT. Het gaat daarbij niet om kinderachtige bedragen. Tot medio 2019 gaf  VWS een bedrag van 1078,5 miljoen euro uit aan een zestiental subsidieprogramma’s. Deze miljoenen gaf VWS nooit rechtstreeks aan zorgICT-bedrijven, maar kwamen daar vrijwel altijd wel terecht

Verantwoordelijkheid VWS

In juni 2019 scheef ik:

“Terwijl VWS uit volle borst klaagt over de afhankelijkheid van zorgverleners van hun zorg-ICT-leveranciers, werkt zij zelf met volle kracht mee aan het afhankelijk maken van die bedrijven. Die weten maar al te goed hoe hoog het subsidiebedrag is dat verstrekt wordt en willen best wat maken als de klant hen het subsidiegeld doorsluist. Het ministerie is dan ook zelf de belangrijkste actor in het probleem van de vendor lock-in van zorgverleners ten aanzien van hun leveranciers.”

Rol VWS doorlichten

Uiteraard dient de ACM eens goed te kijken naar dominante marktpositie van ICT-leveranciers in de zorg. Het probleem is dat zorgverleners zelf nauwelijks een vuist kunnen of mogen maken tegenover de leveranciers. De beroepsverenigingen van zorgverleners mogen van de ACM niet als collectieve economische vertegenwoordigers van hun leden fungeren. Huisartsen mogen dat hooguit in een groep van maximaal 8 praktijkhouders met een totale omzet van 1,1 miljoen euro.(artikel 7 mededingingswet=bagatel-bepaling). Gebruikersverenigingen van zorgverleners kunnen vanwege hun afhankelijkheid van leveranciers bij het verwezenlijken van hun softwarewensen ook geen vuist maken.

Hopelijk laat de ACM haar licht ook eens goed schijnen over de rol van het ministerie van VWS in dit verhaal.

W.J. Jongejan, 12 februari 2020

Afbeelding van GraphicMama-team via Pixabay