07 nov

LSP-verplichting sluipt weer contracten van zorgverzekeraars met huisartsen in

Het Landelijk SchakelPunt(LSP), bedoeld voor het uitwisselen van medische informatie via een centraal computersysteem, lijdt ondanks het halve miljard euro dat er tot nu toe ingestoken is een kwakkelend bestaan. Het enige wat een beetje redelijk werkt zijn de medicatieoverzichten die opgevraagd kunnen worden, maar waarvan de betrouwbaarheid zonder mondelinge toelichting van de patiënten niet groot is. Huisartsgegevens kunnen maar beperkt opgevraagd worden omdat slechts één derde van de Nederlanders daar tot heden toestemming voor gaf. Los daarvan zijn er nog steeds acht procent van de huisartsen en vijf procent van de apothekers niet aangesloten op het LSP. Dat is de zorgverzekeraars die jaarlijks minstens achttien miljoen euro in het LSP stoppen een doorn in het oog. Al in 2011 probeerden de zorgverzekeraars een contractuele verplichting tot deelname aan het LSP in de zorgcontracten met huisartsen te stoppen. Onder dreiging van een kort geding door de Vereniging Praktijkhoudende Huisartsen(VPHuisartsen) ging dat toen niet door. Eind 2015 probeerden zorgverzekeraars in de Overeenkomst Vrijgevestigd Huisarts 2016-2018  het opnieuw. Nu is er eind 2017 weer een herhaling van zetten. In ieder geval staan in de contracten van zorgverzekeraars VGZ en De Friesland  verplichtingsbepalingen. Als het heel goed zou gaan met het LSP zouden verplichtingsbepalingen niet nodig zijn!

Niet afdwingbaar

Het aansluiten op en gebruik maken van het LSP door zorgaanbieders mag niet afgedwongen worden door zorgverzekeraars. Dat is het gevolg van de motie, die door de Tweede Kamerleden Attje Kuiken en Linda Voortman op 22 december 2011 ingediend en daarna aangenomen werd. Alle pogingen tot nu toe door de zorgverzekeraars om zorgverleners per contract tot een verplichte deelname aan het LSP en de verplichting om opt-in-toestemmingen van patiënten te verkrijgen zijn dus wederrechtelijk.

De Friesland

In de overeenkomst die zorgverzekeraar De Friesland aan de apotheekhoudende huisartsen aanbiedt staat de volgende bepaling in de rubriek Verklaringen:

“Verklaart U als zorgaanbieder dat aan de navolgende eisen voor een overeenkomst wordt voldaan……………………..

  1. De zorgaanbieder is voor de apotheek/ieder van de apotheken aangesloten op het LSP”

Het aangesloten zijn op het LSP is dus een contractuele verplichting geworden. In de tekst van het contract staat verder dat deze passage opgenomen is in het kader van landelijke uniforme afspraken, hetgeen absoluut niet het geval is.

VGZ

In de overeenkomst vrijgevestigd huisarts 2018-2020 van zorgverzekeraar VGZ staat een nogal  creatieve formulering.

“VGZ stimuleert en ondersteunt de realisatie van de benodigde infrastructuur voor elektronische uitwisseling van (medische) informatie van patiënten via de vereniging van Zorgaanbieders Voor Zorgcommunicatie(VZVZ). ( Noot WJJ: VZVZ is beheerder van het LSP) De zorgaanbieder spant zich in om deze informatie via elektronische weg met andere zorgaanbieders uit te wisselen en om zijn patiënten toestemming te vragen om zijn gegevens beschikbaar te stellen via bijvoorbeeld het LSP. Deze zogenoemde opt-in-regeling komt voort uit wetgeving ter bescherming van de privacy van de patiënt. De Landelijke HuisartsenVereniging(LHV) is één van de oprichters van de VZVZ. Zij hebben zich gecommitteerd aan de landelijke doelstelling. “

Wat we hier zien is een inspanningsverplichting die men contractueel probeert vast te doen leggen. Het is zeer opvallend dat in de eerste zin pregnant alleen de VZVZ wordt genoemd als beheerder van uitsluitend het LSP , en daarna in de tweede zin opeens de elektronische uitwisseling van medische data opeens breder wordt getrokken waarbij het LSP zogenaamd één van de opties is. Daardoor lijkt het alsof er gedoeld wordt op meerdere uitwisselsystemen. Het is een poging om inspanningsverplichting opeens breder te trekken dan in de eerste zin bedoeld is. De LHV mag zich dan wel gecommitteerd hebben aan de landelijke doelstelling van het LSP, maar dat houdt geenszins in dat de LHV op welke manier dan ook sturend optreedt in het doen aansluiten van individuele huisartsen op het LSP of bij het vragen van opt-in-toestemmingen aan patiënten. De LHV houdt de motie Kuiken/Voortman goed in het achterhoofd.

Het roer moet om

Met het opnieuw invoegen van een contractuele verplichting houden de zorgverzekeraars zich ook niet aan afspraken die gemaakt zijn in het kader van Het ROER MOET OM(HRMO). In dat kader zijn afspraken gemaakt over de uniformering van contracten. Veel werk is er door zorgaanbieders binnen de HRMO-beweging gestopt in dit soort uniformeringsafspraken. Door net te doen door VGZ alsof de nu in het contract gebezigde formulering een afspiegeling is van afspraak tussen Zorgverzekeraars Nederland en HRMO frustreert VGZ alle inspanningen in HRMO-verband. VPHuisartsen liet duidelijk weten de acties van de zorgverzekeraars af te wijzen. De LHV laat zich er in de media niet over uit, maar naar individuele leden toe lijkt de directie zich niet al te druk te maken en het een keer in overleg met Zorgverzekeraars Nederland in te brengen. Mijns inziens een verkeerd signaal omdat nu al contracten met de gewraakte passages ondertekening van huisartsen behoeven.

Boerenslimheid

In een Tweetreeks over dit onderwerp mengde zich Jaap de Bruin, bestuursadviseur van VGZ en stakeholdermanager aldaar. Die stelde dat de uniforme bepalingen die met HRMO waren afgesproken onverkort waren opgenomen, maar dat aanvullingen niet uitgesloten waren. Op die manier is elk overleg met zorgverzekeraars totaal zinloos omdat dan altijd overal aanvullingen bij bepalingen kunnen worden geplaatst. Het is een vorm van boerenslimheid, want dit soort acties maken de zorgverzekeraars tot een volkomen onbetrouwbare contractpartij.

TROG

Aangezien er geen individuele mogelijkheden zijn om over de contracten te overleggen en eigenlijke alleen maar wel of niet getekend kunnen worden, verdienen de overeenkomsten van zorgverzekeraars met huisartsen de naam TROG-contact. Wijlen Hans Nobel, huisarts en bestuurslid van VPHuisartsen, noemde die zo. TROG staat voor : Teken Rechts Onder Graag. Het is uitermate belangrijk om nu een duidelijk geluid te laten horen tegen de pogingen van zorgverzekeraars om weer een contractuele verplichting rond het LSP in de contracten op te doen nemen, zodat die passages uit de contracten worden gehaald.

VPHuisartsen heeft bij De Friesland en VGZ geprotesteerd, waarna De Friesland met een aanvullende verklaring kwam, waarin toegegeven wordt dat er ten onrechte gerefereerd wordt aan landelijke afspraken(in het kader van HRMO. De Friesland spreekt nu in een addendum bij het contract van een aanmoediging om mee te doen met het LSP en geen verplichting en zegt niet te gaan controleren op het al dan niet inspannen voor het LSP. In mijn optiek is de enige juiste weg het aanbieden van een nieuw contract zonder de vermelding van het LSP in enige bepaling. Zorgverzekeraar VGZ heeft trouwens  nog niet gereageerd.

W.J. Jongejan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *