13 okt

Regeerakkoord: nog eens 40 miljoen euro extra in eHealth pompen

pomp

Binnen het ministerie van VWS gelooft men heilig in het propageren van eHealth om de zorg betaalbaar en bemensbaar te houden. In het deze week gepubliceerde regeerakkoord van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie is in een aparte paragraaf weer stimuleringsgeld in het vooruitzicht gesteld. Veertig miljoen euro voor de komende vier jaar. Dat komt dus neer op tien miljoen per jaar als het kabinet dat steuntop een meerderheid van één zetel de rit uitzit. De definitie van eHealth die in Nederland veel gebruikt wordt  en die in 2002 is opgesteld door de Raad voor de Volksgezondheid, behelst het gebruik van nieuwe informatie- en communicatietechnologieën, en met name internet-technologie, om gezondheid en gezondheidszorg te ondersteunen of te verbeteren. De afgelopen twee jaar is het ministerie met meer dan vol gas eHealth aan het promoten. Recent besteedde ik aandacht aan de vloedgolf van workshops, congressen en symposia, die de komende maanden over het zorgveld worden uitgestort. Naast een hele bedrijfstak die lijkt te zijn ontstaan met al dan niet zinvolle eHealth-toepassingen is er nu ook een circuit opgetuigd met workshops en congressen.

Tekst

Wat staat er exact in het regeerakkoord:  

“Om de schaarse capaciteit aan zorgpersoneel optimaal te benutten voor zorg en aandacht voor cliënten en patiënten, is het wenselijk digitaal ondersteunde zorg gericht in te zetten en de verspreiding van innovatieve werkwijzen (eHealth) te bevorderen, zowel thuis als in het verpleeghuis. Deze kabinetsperiode is hiervoor 40 miljoen euro beschikbaar, daarna 5 miljoen per jaar.”

 Dit geld komt boven op het Versnellingsprogramma Informatieuitwisseling Patiënt en Professional(VIPP)  met 35 miljoen euro per jaar, het stimuleringsprogramma voor eHealth in de GGZ met 25 miljoen per jaar en het Fasttrack eHealth Initiatief met 20 miljoen per jaar. Bij dit soort initiatieven zijn de nodige kritische kanttekeningen te maken.(A, B, C). Het is dan ook niet vreemd als een circuit van workshops en congressen daarmee van de grond komt.

@EGerrit

Als je op Twitter gaat zoeken met als zoekterm “eHealth” valt het al gauw op dat de secretaris-generaal van VWS, Erik Gerritsen, bijna full time bezig lijkt te zijn met het bijwonen van eHealth-promotieactiviteiten. Naar eigen zeggen moet het zelfs tot een eHealth-guerrilla komen, waarbij de patiënt zijn/haar elektronische vorm van zorg opeist. Hij blijkt ook niet te beroerd te zijn om met een tweet een advertorial van een markpartij die zich bezig houdt met telezorg te ondersteunen.

Geen warmte

Met eHealth is het mogelijk de toegankelijkheid van de zorg en de soepelheid van de zorgprocessen te vergroten, maar men moet ook geen overdreven verwachtingen koesteren over het toepassen van ICT inde zorg. Het primaire proces, het zorgen voor en naast de patiënt staan in persoon, kent geen substituut in elektronische varianten. Er gaat niet direct warmte van uit ,omdat veel van de activiteiten die met eHealth plaatsvinden,  juist de bedoeling hebben het menselijke contact met de zorgverleners te beperken.

Patiëntenportalen

Veel tijd en energie wordt er in het kader van eHealth besteedt aan elektronische portalen waarmee patiënten inzage kunnen krijgen in medische gegevens, afspraken kunnen maken, recepten kunnen aanvragen en eConsulten kunnen hebben met hun zorgverleners. Recent( 4 oktober) hoorde ik tijdens de HIS-demodag van NedHIS de stand van zaken rond dat soort portalen bij huisartsen. NedHIS is de overkoepelende organisatie van gebruikersverenigingen van huisartsinformatiesystemen. Op zo’n demo-dag worden aan de hand van opdrachten die systemen vergeleken. Bij het bespreken van de patiënt-portalen viel evenals voorgaande jaren op dat hooguit een kwart van de patiënten zich registreert bij zo’n portaal, maar dat uiteindelijk maar een zeer beperkt deel daarvan daadwerkelijk gebruik ervan maakt. Dat zijn vaak de digitaal-begaafden en mondige patiënten. U hoort mij niet zeggen dat het gebruik van dit soort initiatieven gestopt of beperkt moet worden, omdat het een nuttige aanvulling kan zijn op het zorgaanbod. Men moet er echter geen overdreven verwachtingen bij hebben. Bovendien lijkt de praktijk uit te wijzen dat de groei van het gebruik zeer langzaam gaat.

Hoop

Er kan toch iets van hoop geput worden uit de uitingen die op de bijeenkomst ‘Ethiek en e-Health: maakt e-Health goede zorg beter?’  te horen waren op 28 september in Utrecht. Die geluiden waren dat  eHealthinterventies beter geëvalueerd zouden moeten worden voor ze breed in de zorg worden toegepast. Ook zou er meer oog moeten komen voor de vaak impliciete ethische aannames achter de introductie van e-health, zoals het idee dat autonomie van de patiënt per definitie goed is.

Aanjagen

Aan het aanjagen van eHealth wordt op dit moment door het ministerie van VWS veel geld besteed. Geld waarvan het maar uitermate de vraag is of het beoogde resultaat ooit gehaald gaat worden. Innovatie in de zorg is niet een kwestie van geld en woorden, maar zit vanzelf ingebakken in zorgprofessionals die hun vak vooruit willen zien te krijgen. Dat gebeurt via organisch verlopende processen, die niet afgedwongen kunnen worden door hijgerige stimulering van bovenaf.

Het meer geld in eHealth pompen door VWS heeft een hele nieuwe bedrijfstak met workshops en congressen op gang gebracht die met de zorg zelf niet veel te maken heeft.

W.J. Jongejan

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *