GIRFEC in Nederland: het kind als bron van datamining

GIRFECOp diverse plaatsen in Nederland zijn pogingen gaande om een uit Schotland overgewaaid bedenksel in de kind-/jeugdzorg in te voeren. Het gaat om GIRFEC. Dat staat voor: Getting It Right For Every Child, van overheidswege bedacht in Schotland om kinderen veilig te laten opgroeien. In Nederland wordt er vanuit Tilburg door de wethouder Marcelle Hendricks en door het Nederlands JeugdInstituut(NJI) flink gepusht om dit systeem in te voeren. De GIRFEC-filosofie kent uiterst discutabele kanten. In de eerste plaats: het aanstellen van een “named person”’ een soort van overheidswege aangewezen voogd met doorzettingsmacht die uitgaat boven de ouderlijke macht. In de tweede plaats voorziet GIRFEC in het verzamelen van een groot aantal data van/rond/omtrent het opgroeiende kind. Data die ook weer uitgewisseld zou moeten worden met allerlei instanties die zich met het kind bemoeien. Daarmee zou men een gigantische hoeveelheid data van elk kind verzamelen met de mogelijkheid van profiling en datamining.

In Schotland gestopt

Het concept heeft zeer vergaande consequenties waartegen ouders onoverkomelijke bezwaren hadden. In Schotland verenigden ouders zich in de beweging No To Named Persons(No2NP). Juridische procedures startten zij. In juli 2016 oordeelde het hooggerechtshof van het Verenigd Koninkrijk dat de wet waarmee GIRFEC ingevoerd zou worden, ernstige inbreuken vertoonde op de rechten van een individu, zoals vastgelegd in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens(EVRM). Op 19 september 2019 maakte de Deputy First Minister John Swinney bekend dat de regering de voor GIRFEC bedoelde wet, de Children and Young People (Scotland) Act 2014, introk. In Nederland hebben we iets met het overnemen van ideeën uit het Verenigd Koninkrijk die daar weer in sneuvelen. Zo probeerde men het Engelse  zorgclustermodel als voorbeeld te nemen voor een nieuw systeem voor bekostiging van de GGZ, terwijl het in het V.K.  al af geserveerd was.

Langzame infiltratie in jeugdzorg en onderwijs

Zoals gezegd probeert men op diverse plaatsen, zoals Tilburg, Haarlem en het Centrum voor jeugd en gezin Rijnmond het gedachtegoed van GIRFEC ingang in de jeugdzorg te doen vinden. Ook opleidingsinstituten, zoals hogescholen doen mee. Daarnaast is een langzame infiltratie gaan van de jeugdzorg in het onderwijs om het gedachtegoed op basis van GIRFEC te verspreiden. Uit alle macht bezweert men geen soort voogd met doorzettingsmacht boven het ouderlijk gezag te willen aanstellen. Men creëert echter wel een systeem waarmee en waarin men data van kinderen verzamelt en wil delen met allerlei instanties, zonder dat de ouders daar zicht op hebben. Data op basis waarvan het kind ook gestuurd kan worden middels “nudging”. Druk vanuit school bijv. om een kind een bepaalde sport te gaan laten doen om het gedrag te beïnvloeden zonder dat ouders de achtergrond weten.

Kansencirkel en kansenster

Hoe gebeurt zoiets nu?  Men werkt binnen het GIRFEC-gedachtengoed met de kansencirkel en de kansenster. In de kansencirkel staan acht ontwikkelgebieden: Actief, Gerespecteerd, Verantwoordelijk, Erbij horen, Veilig, Gezond, Ontplooiing, Gekoesterd. Ze vallen onder vier groepsdimensies: Zelfbewustzijn, Actief Bijdragen, Verantwoordelijkheid nemen en Succesvol ontwikkelen. Data verzamelt men over het kind  en op basis daarvan geeft men een cijfer voor op alle acht  punten van  de kansenster. Het is de bedoeling dat die data geleverd worden door alle instanties, scholen etc.  waarmee een kind tijdens zijn leven te maken heeft. Dit alles gebeurt zonder dat er zicht van ouders is op de vastgelegde data. Die cijfers worden gekoppeld aan de uitkomsten van de kansencirkel en zo wordt één en ander meetbaar en geschikt gemaakt voor de opslag van big data. In Tilburg slaan ze dit al op in een speciaal data project.

NJI

Het NJI probeert ondertussen haar handen te wassen in onschuld door te benadrukken dat zij slechts “een onafhankelijk kenniscentrum is dat actuele kennis over jeugd, vakmanschap en de organisatie van het jeugdveld verzamelt, verrijkt, duidt en deelt”. Hierbij worden echter geen ouders betrokken, want het blijft bij onderonsjes tussen professionals die bepalen wat de ‘belangrijke waarden’ zijn die kinderen moeten worden bijgebracht, met of zonder betrokkenheid van ouders. Met die ouders wordt pas gesproken over hun kind in een specifieke casus als de hele GIRFEC al is geïmplementeerd binnen het schoolsysteem. Omdat de ‘Named Person’ in Schotland nu definitief is afgeserveerd, wordt aan ouders gevraagd vrijwillig mee te werken aan GIRFEC, zonder ze te vertellen dat ze daarmee meewerken aan risico-profilering en datamining. (zie noot)

Risicoprofilering/data-sharing/data-mining

Duidelijk is het dat de data uit GIRFEC-pilots en de becijfering in de kansencirkel de basis is voor grootschalige risicoprofilering, in naam van het willen ontdekken van kwetsbare kinderen. Het doel daarbij is dat het op den duur alle kinderen in Nederland betreft, ongeacht hun zorgbehoefte, gedrag of beperkingen.  De bedoeling is het om de uitkomsten van de kansencirkel vrij te benutten in organisaties, in teams, in gesprekken met samenwerkingspartners. Dan is er sprake van data-sharing zonder dat ouders  er zicht op hebben. De vastgelegde data zijn een bron voor data-mining.

Je leest nergens over het wissen van data. Nergens staat beschreven of alle vastgelegde data wel toegankelijk zijn voor de ouders. Ook staat nergens vermeld of  en hoelang men de  data wil bewaren. Nergens staat wat men met de data wil doen als de volwassen leeftijd bereikt. Blijven die benaderbaar daarna?

Krachtige afwijzing noodzakelijk

Het overwaaien van GIRFEC naar Nederland is zeer zorgelijk en onwenselijk. Niet in de laatste plaats vanwege het wantrouwen dat GIRFEC richting ouders heeft. Zie bijvoorbeeld het betoog van de Schotse socioloog dr. Stuart Waiton, die in een paar minuten het paradepaardje fileert. De kern van zijn betoog is dat achter het opzetten van GIRFEC en GIRFEC-achtige systemen is dat die uitgaan van de gedachte dat ouders niet te vertrouwen zijn en kinderen dus in de gaten gehouden moeten worden. Daarnaast zijn overheden/overheidsinstanties  in toenemende mate gespitst zijn op veiligheid en het  labelen van zoveel mogelijk kinderen als kwetsbaar. Als laatste noemt hij de gedachte van overheden  dat door vroege interventies de ontwikkeling altijd bij te sturen is.

Conclusie

GIRFEC in welke vorm dan ook dringt diep door in de ouder-kind relatie en schaadt de privacy. Het is geen oplossing voor de jeugdzorg die vaak schotten tussen allerlei instanties tegenkomt en klaagt over weinig doorzettingsmacht. Het is echter een reële bedreiging voor ouders en kind door de profiling, de data-sharing en data-mining die er mee gebeurt. In Nieuw Zeeland stopte men al in 2016 met GIRFEC-implementatie  omdat men het systeem nutteloos vond.

Nu Nederland nog.

W.J. Jongejan, 5 december 2019

Noot: deze krachtige  alinea is volledig overgenomen uit het artikel “GIRFEC – Jeugdzorg infiltreert het onderwijs (deel 2)” van Sven Snijer.

Interessante links:

Artikel van in tekst genoemde Stuart Waiton uit 2016

GIRFEC voor Dummies:

Artikel Volkskrant  4 september 2019

De Lange Mars Plus  15 september 2019

Subsidieverdeler ZonMw met subsidieprogramma ‘Kansrijke start voor kinderen met behulp van big data’. Genomineerd voor de Big Brother Award 2019 door Bits of Freedom(zie pagina 8)

Webartikel Herken Ouderverstoting met vele relevante links daarop