image_pdfimage_print
06 aug 2019

Patiëntenfederatie Nederland ook in 2018 onverminderd aan sponsorinfuus VWS

sponsorinfuusOok in 2018 blijft de Patiëntenfederatie Nederland(PN) onverminderd aan het sponsorinfuus van het ministerie van VWS hangen. Met een begroting van rond de 15 miljoen euro blijkt uit het financiële jaarverslag van de PN over 2018 andermaal hoe afhankelijk deze organisatie is van dit ministerie.  Ik publiceerde in 2018 ook over dit onderwerp bij het verschijnen van het financieel jaarverslag van de PN over 2017. Binnen afzienbare tijd zal die afhankelijkheid nog verder toenemen.  Een geldstroom die nu nog van de zorgverzekeraars komt, zal dan ook via een omweg van VWS vandaan zal komen. Door die afhankelijkheid ventileert de PN niet vaak standpunten die tegen het beleid van VWS ingaan, kijkt  nogal weg van evidente beperkingen van patiënten-rechten  en helpt weleens proefballonnetjes van VWS te lanceren. Zeer recent nog toen zorgverzekeraar VGZ halverwege het jaar opeens “een zorgomleiding” van patiënten voorstelde bij het Ikazia ziekenhuis vanwege budgetoverschrijding, was er geen enkel kritisch geluid te horen. Op zich niet vreemd als je bedenkt dat PN twee miljoen euro per jaar ontvangt afkomstig uit premiegeld van de zorgverzekeraars.

Lees verder

02 aug 2019

Aanleggen centrale databases met gepseudonimiseerde zorgdata is organisatorische en politieke keuze

marionetOp deze website heb ik vele artikelen geschreven over de problemen die gepaard gaan met het gecentraliseerd verzamelen van gepseudonimiseerde zorgdata. Voorbeelden van dat soort dataverzamelingen zijn het DBC Informatie Systeem(DIS), de ROM-dataverzameling door SBG(GZ) en de poging tot voortzetting door Akwa GGZ, en de databases van de verslavings- en traumazorg. Die laatste trokken vorige week aandacht omdat het ministerie van VWS met een reparatiewetje wil komen om die data toch centraal te verzamelen zonder toestemming van de patiënt. Het opslaan van (zorg)data op persoonsniveau in gecentraliseerde databases is zowel een organisatorische als een politieke keuze. Het concept van centrale databases, eventueel gekoppeld via knooppunten is een ICT-concept van rond 2000. Politiek interessant met de gedachte aan centraal overzicht en centrale sturing. Technisch is er anno 2019 geen noodzaak meer om systemen op een dergelijke wijze in te richten. De kwetsbaarheid is groot en er zijn grote privacy-issues. Bovendien heb je voor beleid(sondersteunende) informatie geen tot persoon herleidbare data nodig. Decentrale opslag, met een goed afsprakenstelsel hoe men met de data omgaat is een reëel alternatief dat echter niet openlijk ondersteund wordt.

Lees verder

31 jul 2019

Verwerking gepseudonimiseerde zorgdata niet meer mogelijk? Overheid komt met wetje

verwerking data Op 22 juli 2019 schreef ik al een artikel over de internetconsultatie die op 19 juli  startte over een wetsontwerp. Het gaat over het wetsontwerp  voor het creëren van een wettelijke grondslag voor het verwerken van gepseudonimiseerde persoonsgegevens in twee kwaliteitsregistraties. Te lang is gedacht dat het probleem van het centraal verwerken van gepseudomiseerde persoonsgegevens ten behoeve van kwaliteitsregistraties wel zou overwaaien dan wel zich zelf zou oplossen. In plaats van te bezien of de gecentraliseerde verwerking nu wel de weg is die verder bewandeld moet worden, kiest de overheid voor het verdedigen van bestaande belangen. Ze kiest voor reparatiewetgeving die rammelt en dubieuze kanten heeft. In mijn artikel van 22 juli had ik het er al over dat men voor het op centraal niveau verzamelen van zorgdata in de verslavings-en de traumazorg er voor het gemak van uit ging dat de geregistreerden op voorhand handelingsonbekwaam zijn.

Lees verder

22 jul 2019

Mag VWS patiënten handelingsonbekwaam noemen om gepseudonimiseerde zorgdata te verzamelen?

handelingsonbekwaamOp 19 juli 2019 startte de internetconsultatie van een wetsvoorstel voor het creëren van een wettelijke grondslag voor het verwerken van gepseudonimiseerde persoonsgegevens in twee kwaliteitsregistraties. En het doorleveren aan derden, wat expliciet in het wetsontwerp benoemd staat. Het betreft het Landelijk Alcohol Drugs Informatie Systeem (LADIS) en de Landelijke Trauma Registratie (LTR). Doel van die registraties is het bevorderen van de kwaliteit en veiligheid van de gezondheidszorg op die gebieden. Naast deze zijn er andere, nog grotere, “kwaliteitsregistraties”. Daarbij speelt ook het probleem dat de daarin verzamelde data gepseudonimiseerde zorggegevens betreft. Daarvoor behoeft men in principe toestemming van de betrokkene. In het wetsvoorstel( plus memorie van toelichting) tot wijziging van de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg, kortweg Wkkgz, probeert de minister van VWS de twee genoemde registraties weer op gang te krijgen. Omdat sinds begin 2016 gepseudonimiseerde data gewoon als persoonsgegevens beschouwd dienen te worden hebben de data-verzamelende instanties een groot probleem. Toestemming van de patiënt is daardoor nodig. Daardoor  stokte de aanlevering van veel data. Veelal was geen toestemming van de patiënt gevraagd. Een aantal registraties kwam vrijwel droog te staan. Dit probleem speelt niet alleen bij LADIS en LTR, maar ook bijv. bij de verzameling van ROM-data. Ik schreef hier meerdere keren over.

Lees verder

15 jul 2019

Stroperige beleidsvoornemens VWS in brief over elektronische gegevensuitwisseling zorg

stroperigGrote woorden gebruikt minister Bruno  Bruins voor medische zorg in zijn brieven aan de Tweede Kamer over elektronische gegevensuitwisseling in de zorg. Versnellen, verplichten, de regie nemen, een “roadmap”, prioritaire processen: het kan niet op.  De eerste brief dateert van 20 december 2018, de tweede van 9 april 2019 en de  derde verscheen 12 juli 2019. Het ademt allemaal daadkracht. Maar dat valt ondanks het stuwende woordgebruik op de keper beschouwd vies tegen. Favoriet in zijn woordgebruik is de eenheid van taal en de zorgbouwstenen. Die hebben hun echter hun eigen dynamiek waarbij de ontwikkeling van de bouwstenen vlotter lijkt te gaan dan de eenheid van taal. Als je goed leest wat hij in zijn meest recente brief schrijft, gaat het om stroperige initiatieven met een lange doorlooptijd. Hij komt met praktisch onhaalbare initiatieven en overdreven verwachtingen. Daarnaast blijkt hij zijn voornemen uit de vorige brief om de Wet aanvullende bepalingen verwerking persoonsgegevens in de zorg(Wabvpz) uit te kleden bij nader inzien toch niet door te zetten.

Lees verder

11 jul 2019

Ikazia ziekenhuis, zorgomleiding en VGZ. Overwegingen bij man-made-disaster

budgetDe afgelopen week houdt het initiatief  van zorgverzekeraar VGZ om haar verzekerden naar andere ziekenhuizen dan het Ikazia-ziekenhuis in Rotterdam te verwijzen de gemoederen flink bezig. Het gaat halverwege het jaar al om een dreigende budgetoverschrijding ten gevolge van krappe zorginkoop. Over dit onderwerp was ik de afgelopen dagen in gesprek met huisarts en publicist op Twitter, Glenn Mitrasing, uit Heerhugowaard. We spraken hoe het allemaal zo, schijnbaar rechtmatig, kan gebeuren. Datgene wat VGZ nu doet, kan niet los gezien worden van de wijze waarop het Nederlandse zorgstelsel na 2006 is ingericht na het ingaan van de Zorgverzekeringswet(Zvw). Politiek en ambtenarij fietsen sindsdien dwars door een verzekering heen die in principe een particuliere verzekering is.

Lees verder

28 jun 2019

De subsidie voor de PGO’s die geen subsidie mocht heten

Open House inkoopOp 25 juni 2019 stond  een interessant artikel op de website www.gemeente.nu over het inkopen van zorg met de zogenaamde “open house”-methode.  Gemeente.nu is een platform voor de lokale overheid en functioneert onder auspiciën van de Staatsdrukkerij en Uitgeverij bedrijf(SDu)  Het artikel had als kop “Minister koopt zelf in via verguisde openhouse-methode”. Hierbij dient men zich te realiseren dat het gaat om een door minister van VWS, Hugo de Jonge, verguisde methode van zorginkoop. De kern van het artikel is dat deze minister zelf op 7 juni 2019 in een brief aan de Tweede kamer in een beschouwing de open-house-methode in de jeugdzorg “principieel kwestieus” noemt, maar zelf recent twee projecten ermee opgetuigd heeft. De journalist Richard Sandee, verbonden aan voornoemde website,  stelt met verwondering vast dat de minister zelf iets doet wat hij lagere overheden, zoals  de gemeenten, verwijt.  Hij vraagt zich dan ook af waarom de genoemde methode in de twee projecten van VWS  niet op bezwaren zou stuiten. Eén van die projecten is de financiering van de Persoonlijke Gezondheids-Omgevingen(PGO’s). Daarin kunnen patiënten vanaf 1 juli 2020 hun zorgdata opslaan die ze van hun zorgverleners elektronisch verkregen hebben. Na introductie in 2010 is er geen duidelijk verdienmodel voor. Dus greep het ministerie van VWS in met een financiële regeling die geen subsidie mocht heten.

Lees verder

25 jun 2019

Hoe VWS steeds meer ICT-bedrijven en niet-zorgverleners uit de zorgruif laat eten

eten zorgruifOp 19 juni 2019 liet het ministerie van VWS weer een Voorgangsrapportage Innovatie en Zorgvernieuwing het licht zien. Dat is vanaf 2015 een jaarlijkse traditie geworden. In 2014 formuleerde de toenmalige minister Schippers in een brief over eHealth en zorgvernieuwing een aantal ambities over de zorgICT. Die moesten in vijf jaar gehaald worden. De huidige voortgangsrapportage over 2018 is er weer één met veel woorden en uitvergroting van kleine daden. Eén ding dat enorm opvalt is dat het ministerie van VWS inmiddels een vermogen gestopt heeft  in het aanjagen van eHealth, innovatie en zorgvernieuwing middels subsidies. Daarmee heeft VWS ervoor gezorgd dat een leger aan ICT-ers, zorgICT-bedrijven, managers en consultants zijn gaan mee-eten uit de ruif met zorggelden. Bedoeld om in de toekomst de zorg bemenst te houden heeft het ministerie zich met veel subsidiegeld afhankelijk gemaakt van een grote groep mensen die zelf geen zorg verlenen. Ze eten allemaal wel mee uit de zorgruif.  Terwijl VWS uit volle borst klaagt over de afhankelijkheid van zorgverleners van hun zorg-ICT-leveranciers, werkt zij zelf met volle kracht mee aan het afhankelijk maken van die bedrijven. Die weten maar al te goed hoe hoog het subsidiebedrag is dat verstrekt wordt en willen best wat maken als de klant hen het subsidiegeld doorsluist. Het ministerie is dan ook zelf de belangrijkste actor in het probleem van de vendor-lockin van zorgverleners  ten aanzien van hun leveranciers.

Lees verder

17 jun 2019

Kansloos betoog SG VWS over oplossing gebrekkige interoperabiliteit zorgICT

interoperabiliteitOp de HIMMS-Europe conferentie die van 11 t/m 13 juni 2019 in Helsinki gehouden werd viel de secretaris-generaal(SG) van het ministerie van VWS, Erik Gerritsen, op met een op het oog krachtig betoog. Hij stelde dat de zorgsector worstelt met een wereldwijde interoperabiliteitscrisis in de zorgICT.  Alleen krachtdadig, internationaal gecoördineerd overheidsingrijpen kan volgens hem een einde maken aan de falende elektronische gegevensuitwisseling. Het online magazine SKIPR berichtte er op 14 juni 2019 over. Volgens Gerritsen is het de hoogste tijd het roer om te gooien. Omdat marktpartijen er volgens hem niet uitkomen zullen overheden moeten ingrijpen en dwingend internationaal verplichte standaarden voor interoperabiliteit moeten opleggen. De facto geeft Gerritsen hier het failliet aan van het marktmodel ten aanzien van zorg-ICT. Hij schrok er niet voor terug te stellen dat veel marktpartijen misbruik hadden gemaakt van de situatie door een eigen winst gedreven agenda te volgen. Maar kan je dat bedrijven kwalijk nemen als eerst jarenlang internationaal, maar ook zeker nationaal marktwerking geprofeteerd is. Wil je marktwerking dan introduceer je automatisch winst gedreven handelen. Het ministerie van VWS is daarbij jarenlang een groot onderdeel van het probleem geweest. Daarbij vermeldt hij niet dat zijn eigen ministerie altijd de marktwerking op het gebied van zorgICT gepredikt heeft en doof was voor geluiden over vendor-lock-in. Dat is de wurgende afhankelijkheid van gebruikers van hun ICT-leverancier ten aanzien van aanvullende dienstverlening.

Lees verder

11 jun 2019

Kwaliteit in de GGZ prijzig gemaakt. AKWA GGZ huurt erg duur

duur

Achter een drie traveeën brede, symmetrische voorgevel, met als risaliet uitgevoerde, hoger opgetrokken middelste travee met tympaan en aangekapt zadeldak met breed overstek, huist sinds kort AKWA GGZ. De rechtsopvolger van de Stichting Benchmark GGZ, AKWA GGZ, en het bijbehorende Dataportaal GGZ is sinds 1 januari 2019 in Utrecht gevestigd. Niet zoals SBG op een gewone kantoorlocatie, maar op een heel bijzondere plek in Utrecht. Het mag blijkbaar wat kosten, want het gaat om een bijzonder pand namelijk een monumentale kantoorvilla aan de Museumlaan 7 in Utrecht. De eerste regel van deze bijdrage komt dan ook uit de monuments-beschrijving. De jaarlijkse huurkosten voor het monumentale pand met 550 m2 oppervlakte komen inclusief BTW op minimaal 169.400 euro per jaar. Eenzelfde kantooroppervlakte is in een kantorenwijk voor bijna de helft van dat bedrag te huren. Blijkbaar is de behoefte om behoedzaam om te gaan met publieke middelen niet zo groot bij de bestuurders die verantwoordelijk zijn voor AKWA GGZ. AKWA GGZ staat als opvolger van SBG nogal in de aandacht. Met name vanwege de wens om toch Routine Outcome Monitoring(ROM)-data uit de GGZ te willen blijven gebruiken voor “kwaliteits”-doeleinden. Ook al staat dat enorm ter discussie. Afgelopen week nog kreeg AKWA GGZ nog de kous op de kop van de Autoriteit Persoonsgegevens(AP), toen men oude SBG-data alsnog raadpleegbaar wilde maken voor onderzoek. De AP stak daar een stokje voor.

Lees verder