19 jun

Onderzoek wearables niet bepaald vlekkeloos. Sloppy science

wearable

Tegenwoordig zie je steeds meer mensen sporten of anderszins actief bezig zijn terwijl ze een zogenaamde “wearable fitnesstracker” of kort gezegd een “wearable” dragen. Het zijn elektronische apparaten, die de polsfrequentie, het aantal afgelegde stappen, de verbruikte calorieën etc. bijhouden. Met enige regelmaat verschijnen er artikelen over deze apparaten waarin deze met elkaar vergeleken worden. De Stanford University in de Verenigde Staten rapporteert daar ook met enige regelmaat over. Niet altijd blijkt de academische opzet garant te staan voor een deugdelijke proefopzet. Zeer recent verscheen een artikel van de Stanford Universiteit waarin de Apple Watch, Basis Peak, Fitbit Surge, Microsoft Band, Mio Alpha 2, PulseOn, en Samsung Gear S2 vergeleken werden ten aanzien van hartfrequentie en energieverbruik bij verschillende activiteiten. De conclusie van dat artikel was dat de hartfrequentie bij inspanning wel betrouwbaar gemeten kan worden met de fitness-sensoren, maar niet het calorieverbruik. Een kritische Amerikaan, Ray Maker, werkzaam in de IT-industrie, fanatiek sporter en eigenhandig tester van vrijwel alle “wearables” die op de markt gekomen zijn, laat op zijn eigen website zeer helder zien wat er allemaal schort aan de testen die in het Stanford-onderzoek gebruikt zijn. Op de website DCRainmaker plaatste hij op 8 juni 2017 een artikel getiteld “Thoughts on the wearables studies (including The Stanford Wearables study)” .  Hij laat zien dat de basis waarop de conclusies gebaseerd zijn, boterzacht is en dat conclusies op basis van de metingen met wearables zeer wankel zijn.

Lees verder

21 mrt

Nictiz verwart diagnoses stellen met hypochondrie bevorderen

gezond?

In samenwerking met Nictiz verscheen op 18 maart 2017 in de Volkskrant een artikel van Ellen de Visser en Bard van de Weijer met al titel: “Iedereen kan eigen gezondheid in de gaten houden; maar is de arts daarbij gebaat?” en als subkop: “De moderne patiënt stelt zijn eigen diagnose”. De programmaleider van de eHealth-monitor Johan Krijgsman van Nictiz was verantwoordelijk voor de inhoud, zo blijkt op de Nictiz-website. Bij lezing van het artikel in de Volkrant valt op dat inhoud geenszins de conclusie rechtvaardigt dat de moderne patiënt zijn eigen diagnose stelt. Het verhaal gaat meer over het vastleggen van parameters van  eigen lichaamsfuncties met wearables door de “worried well”, dan om het stellen van diagnoses.  Waar het dan in het artikel wel gaat om een diagnose stellen haalt men een voorbeeld uit een Amerikaans onderzoek aan, dat de toets der kritiek absoluut niet kan doorstaan. De facto staat in het artikel in de Volkskrant eigenlijk niets zinnigs over het zelf diagnoses stellen. In het artikel van de journalisten Ellen de Visser en Bard van den Weijer komt wel ter sprake dat het met veel apps vastleggen van lichaamsfuncties het gevaar in zich draagt dat hypochondrie een serieus risico is.

Lees verder

18 nov

Autoriteit Persoonsgegevens trapt terecht open deuren in over verzuimsystemen

stethoscoop De Autoriteit Persoonsgegevens(AP) krijgt regelmatig vragen over het opslaan van medische dossiers in verzuimsystemen. Daarom publiceerde de AP op 15 november 2016 wat wel en niet mag. Het gaat daarbij vooral over hoe de toegang tot de verzuimsystemen geregeld is en wie er toegang toe hebben. Dat aan dit onderwerp  toch een publicatie gewijd moet worden is op zich zorgelijk. Blijkbaar zijn er nog steeds werkgevers, die op wat voor wijze dan ook, inzicht in de medische gegevens in de verzuimregistratie van hun werknemers willen hebben. Een werkgever mag nooit inzage hebben in de medische gegevens van een werknemer en dient door een bedrijfsarts c.q. Arbo-dienst slechts een zeer beperkt aantal zaken over de ziekmelding gemeld te krijgen.

Lees verder